In België wordt de milieuwetgeving op gewestelijk niveau bepaald. Vlaanderen, Brussel en Wallonië zijn elk afzonderlijk en op een zelfde niveau bevoegd voor de invoering van de kaderrichtlijn Water. Na evaluatie van de stroomgebiedbeheerplannen (SGBP) bleek een betere en inhoudelijkere samenwerking tussen de gewesten noodzakelijk.

Binnen het Coördinatiecomité Internationaal Milieubeleid (CCIM/CCPIE) werd daarom een nieuw “intra Belgisch” overlegplatform opgericht. Dit “Overlegplatform Water” bespreekt de implementatie van de gewestelijke materie op een overkoepelend niveau. VMM, SPW DGO 3 en BIM/IBGE werken hierbij samen om te komen tot een betere afstemming en implementatie van de kaderrichtlijn Water. Op lokaal niveau, voor het Zenne- en Dijle-Getebekken, wordt deze implementatie besproken in een grensoverschrijdend water overleg (GOW).

Expertengroepen bevorderen kennisuitwisseling

Sinds de start van het project zijn verschillende stuurgroep- en expertengroepvergaderingen doorgegaan. Expertgroepen werden opgericht rond de thema’s stroomgebiedspecifieke polluenten (1), GAP-analyse landbouw (2) en afwijkingen (3). Deze expertengroepen hebben tot doel kennis uit te wisselen over deze thema’s om te onderzoeken hoe het beleid hieromtrent in de verschillende gewesten meer op elkaar afgestemd kan worden.

In het grensoverschrijdend overleg water (GOW) worden kennis en ervaring op het vlak van exotenbestrijding (bv. reuzenbalsemien), waterkwantiteitsbeheer (overstromingen en droogte), soortenbescherming (bv. Europese bever) en planning en opvolging van de saneringsinfrastructuur waterzuiveringsinstallaties… uitgewisseld tussen de bevoegde overheden van de gewesten en andere meer lokale belanghebbenden (bv. Contrat de Rivière, Intercommunale de Brabant Wallon, provincie Vlaams-Brabant, Regionaal Landschap…).

Naar een gemeenschappelijke druk en impactanalyse

Er is een expertengroep opgericht binnen VMM, SPW DGO 3 en BIM/IBGE om een meer gecoördineerde grensoverschrijdende druk en impactanalyse te ontwikkelen. In een eerste fase worden de regionale modellen en data vergeleken en geëvalueerd. De vrachten op grensoverschrijdende rivieren worden vergeleken en gedocumenteerd (Leie, Dender, Schelde, Zenne, Dijle, Laan en Gete). Daarbij gaan we ons toeleggen op de emissies van stikstof, PAKs en cadmium. Uit deze vergelijkende studie volgt een strategie, die als piltootstudie wordt uitgewerkt op het Zennebekken.